Voel jij je thuis in de journalistiek?

Met vervelende vragen

Voel jij je thuis in de journalistiek?
Het publiek moet in het middelpunt van de journalistiek komen te staan. In De Nieuwe Lezer leg ik uit hoe iedereen op een redactie hier aan bij kan dragen.
“Fundamentally, people will use media that help them be who they want to be, do what they want to do, and showcase a version of who they are and of what they do that they like.”
- Rasmus Kleis Nielsen

Het jaar dat ik begon als freelancer stond gek genoeg in het teken van collectieven. We begonnen Club PINO, met andere collega’s een journalistieke boekenclub en volgend jaar ga ik met een groepje onderzoek doen naar innovatie en leiderschap in de journalistiek.

Journalisten en collectieven waren van oudsher geen logische combinatie: journalisten opereerden alleen en door wantrouwen en concurrentie werden er tussen organisaties geen bruggen geslagen. Het enige collectief waar je bij hoorde, was je redactie. 2025 is, volgens mij, het jaar waarin dit is gaan kantelen. Niet alleen zien we veel interesse in Club PINO, maar er is ook een duidelijke toename zichtbaar van het aantal journalistieke bijeenkomsten, zoals het Festival voor de Journalistiek in Deventer, en het bezoek aan evenementen als de Media van Morgen van het Stimuleringsfonds voor de Journalistiek.

Thuis in de journalistiek

Het ontstaan van deze collectieven is het gevolg van de bredere diversiteit van rollen op redacties en tussen redactie en uitgeverij, dus het is des te belangrijker dat er nieuwe ontmoetingsplaatsen zijn. In een sessie op een van de bijeenkomsten waar ik met collega’s samenkwam, Media voor Democratie van Stichting Democratie en Media, werd een voor mij confronterende vraag gesteld: voel jij je thuis in de journalistiek? Ik kwam er namelijk, terwijl andere aanwezigen hun antwoorden deelden op die vraag, tot mijn schrik tot de conclusie dat het antwoord in mijn geval ‘lang niet altijd’ is — en dat liet me de rest van het jaar niet los.

Ik heb met heel veel fijne mensen samengewerkt de afgelopen jaren, maar het gaat knagen als je over fundamentele zaken, zoals de manier waarop je de relatie met je publiek inricht, anders denkt dan het gros van de mensen met wie je samenwerkt of, ook niet onbelangrijk, dan de mensen die je baas zijn. Een groot deel van mijn werk bij NRC en Mediahuis behelsde het overtuigen van collega’s, bruggen slaan van mijn perspectief naar dat van hen en zoeken naar aanknopingspunten voor mijn projecten in het werkritme. Dat was overigens vaak eenrichtingsverkeer: het kwam erop neer dat ik vrijwel altijd zelf toenadering moest zoeken, terwijl veel collega’s weinig interesse toonden in mijn werk of geen helder beeld hadden van wat ik eigenlijk deed.

Tijdens het onderzoek voor Club PINO bleek NRC niet de enige redactie te zijn waar ideeën over nieuwe dingen, zoals innovatie en diversiteit, reuze welkom zijn, maar waar het vastloopt bij de uitvoering en implementatie van die ideeën. Daar wordt lang niet altijd genoeg geld, tijd en aandacht aan besteed, waardoor vernieuwing een bijzaak blijft, wat ontmoedigend werkt. Terwijl het implementeren van vernieuwingen het allerlastigst en allerbelangrijkste is, want dat is waar de verandering plaatsvindt. Dat kun je niet in je uppie doen, zonder mandaat van de leiding of extra ondersteuning van je collega’s. Dan wordt het eenzaam werk, en ondoenlijk.

Ruimte voor vragen en twijfels

Gelukkig kwam ik in mijn tijd bij NRC op conferenties en andere bijeenkomsten like-minded mensen tegen. Dat was echt thuiskomen: luisteren naar mensen als Rasmus Kleis Nielsen, Lea Korsgaard, Melissa Bell, Anita Zielina en Shirish Kulkarni, die met zoveel kennis en kunde spraken over de veranderingen die ik ook nodig achtte én op belangrijke posities in organisaties zaten. Ik sprak er voor het eerst met internationale collega’s die tegen dezelfde problemen aanliepen tijdens hun werk, en ik ging niet alleen met een hoofd vol ideeën, maar ook met een hart vol herkenning naar huis.

Dit alles maakt dat ik het heel fijn en belangrijk vind om aan Club PINO te werken. Een plek creëren voor journalisten en makers die willen innoveren en met hart en ziel voor de zaak werken, maar ook af en toe denken: is dit de beste versie van journalistiek die het kan zijn, of kunnen we het misschien anders doen? Om te kunnen veranderen als sector, om de systeemfouten — zoals de wankele relatie met het publiek en het gebrek aan diversiteit — die in de journalistiek zitten verweven te verhelpen, moet er ruimte zijn om twijfels te delen en soms vervelende vragen te stellen. Die ruimte bestaat vooral op plekken tussen redacties in.

De Incubator van het SVDJ is een mooi voorbeeld van zo’n plek, waar je in een gemixt gezelschap kunt werken aan de bredere uitdagingen waar de journalistiek voor staat. Daar staat de kwaliteit van de oplossing en de bruikbaarheid voor gebruikers centraal, niet het belang van de organisatie, en word je gedwongen om te experimenteren in plaats van op je onderbuikgevoel af te gaan. Het wordt zo een beetje een ‘wij van wc-eend’-verhaal, maar ik ben er echt van overtuigd dat we deze uitdagingen beter in redactie-overstijgende gezelschappen kunnen tackelen. Komend jaar kun je binnen de Incubator werken aan de digitale autonomie van de journalistiek; inschrijven kan nog.

Stel vervelende vragen

Een andere confronterende vraag die recenter voorbij kwam, werd gesteld door Liz Kelly Nelson, de oprichter van Project C. Ze vroeg zich af of de ontwikkelingen die we zien in de journalistiek zijn bedoeld om de bestaande organisaties overeind te houden of om de rol van de journalistiek in de democratie te versterken. Een behoorlijk scherpe vraag, en wellicht is hier ook geen sprake van of/of, maar met de onzekere tijden die er linksaf of rechtsaf (denk aan economische stagnatie, toenemende geopolitieke onzekerheid en de invloed van Big Tech) aan zitten te komen, wel eentje waar we een goed antwoord op moeten hebben. Daarom hoop ik dat jullie allemaal, naast het lid worden van Club PINO, de ruimte hebben of vinden om de vervelende vragen te stellen.

Niet alleen aan je bronnen, maar ook aan je collega’s, de eindredacteuren, chefs, hoofdredacteuren en uitgevers. Bij Club PINO draait het niet om snelle antwoorden, maar om de ruimte om die vragen serieus te nemen en er samen mee te werken.

Voor nu al het goeds voor het nieuwe jaar en tot in 2026!


🐣 Schrijf je in voor Plannen met PINO’s!

Over het nieuwe jaar gesproken: op 6 januari organiseren we met Club PINO een online bijeenkomst waarin je aan de slag gaat met je plannen en doelen voor het nieuwe jaar. In een uurtje blikken we kort terug op het afgelopen jaar, en formuleer je een paar concrete doelen voor het nieuwe jaar. Zo ga je met frisse zin het nieuwe jaar in. Schrijf je hier in!


Vorige edities van De Nieuwe Lezer

▪️ Vinden journalisten mensen wel leuk?

▪️ ‘Stap met vertrouwen in het onbekende bestaan’

▪️ De Paradox van Publieksbetrokkenheid